Hijabi Monologen Nederland

Hijabi Monologen

Toneeltekst voor volwassenen
Monologen voor vrouwen die een hijab (hoofddoek) dragen.

De Hijabi Monologen Nederland gingen op 14 november 2014 in première in theater Zuidplein. De voorstelling was een productie van Stage-Z, onder regie van Elike Roovers.

Hijabi Monologues is oorspronkelijk in 2006 ontwikkeld in de Verenigde Staten naar een idee van Sahar Ullah (tevens creative director), Zeenat Rahman en Dan Morrison.

De Hijabi Monologen Nederland bestaan uit meerdere monologen door en over Islamitische vrouwen en die in het dagelijkse leven een hijab (hoofddoek) dragen. De monologen zijn gebaseerd op waargebeurde verhalen van vrouwen met uiteenlopende culturele achtergronden. Alle verhalen spelen zich af in Nederland. De verhalen inspireren, raken, verbazen, motiveren, zetten aan tot denken, maken je aan het lachen, aan het huilen en luchten op. Vanwege de herkenbaarheid, maar ook omdat het een ander licht werpt op het gangbare beeld van moslima’s in veel media en kunst- en cultuuruitingen. Tijdens de Hijabi Monologen Nederland wordt het vrouw zijn in al haar facetten gevierd.

Fragment uit Hijabi Monologen:

 Ik ben het zat.
Om hier te staan namens alle moslims.
Om vragen te beantwoorden als:
‘Hé moppie, draag jij die hoofddoek uit vrije wil?’
Of: ‘Wat is je moedertaal?’
Om in de rij voor een ijsje aangesproken te worden door een jongen:
‘Waar kom je vandaan?’
Rotterdam.
‘Zit me niet te fucken. Als ik je vraag waar je vandaan komt, dan zeg je me waar je vandaan komt!’ 

Ik ben het zat.
Om mijn outfits zorgvuldig te kiezen om er representatief uit te zien.
Om benaderbaar en bescheiden over te komen en niet teruggetrokken en onderdrukt.
Terwijl het op sommige dagen veel gemakkelijker zou zijn om een linnen sjaal om te doen en een zwarte abaya over mijn pyjama aan te trekken. 

Ik ben het zat om in de klas altijd iets slims te moeten zeggen.
Want als ik niks briljants zeg, dan denken ze dat ik zwijg omdat ik onderdrukt wordt door mijn religie, door mannen of mijn kleding.
En niet omdat ik gewoon mijn huiswerk niet heb gedaan en tot laat aan het kloten was op facebook, zoals 90% van de klas. 

Ik ben het zat.
Om stelling te nemen.
Om open deuren door te gaan.
Om een goed voorbeeld te zijn.
Om een slecht voorbeeld te zijn. 

Ik ben het zat.
Om een kwart van de wereldbevolking te vertegenwoordigen, iedere keer als Geert Wilders met een uitspraak het journaal haalt.
‘Waarom haten jouw mensen ons?’
vraagt mijn buurvrouw op de trap.
‘Jouw mensen?
Sinds wanneer zijn mensen iemands bezit, mevrouw de Vries?
Ik bezit niemand.
Zie je niet dat ik hier voor je sta met een boodschappentas van de Dirk?
Met een prei en een pak rijst.
En niet met een zwaard en de Koran?’
Dat zeg ik niet.
Dat denk ik.
Want als ik het zeg, dan ben ik die boze moslim van hierboven.
Dan ben ik er weer één die zich niet kan beheersen.
Die veel te emotioneel is. 

Op zo’n moment.
In het trapportaal.
In de supermarkt.
Op mijn werk.
Op straat.
De trein.
Dan verlang ik naar de kleinheid van de wereld.
Naar gewoon.
Naar een joggingbroek en een bord eten voor de tv.
Ik wil woorden niet meer zorgvuldig kiezen.
Ieder woord wegen en mooi verpakken alsof het chocola is.
Steeds meer woorden voor steeds minder dingen.
Al die woorden daar val ik tussendoor.
En van te veel chocola word ik misselijk. 

Ik vertegenwoordig niemand.

En als ik eens een keertje flip en zeg:
Weet je wat?
Ik kom uit Rotter fucking dam!
Waar kom jij zelf vandaan, lul?
Dan heeft dat niks te maken met mijn religie.

Interesse? Stuur mij een mail.